De Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie (NVRO) heeft normen vastgesteld waaraan bestaande en nieuw op te richten afdelingen Radiotherapie moeten voldoen. Hierdoor vindt borging plaats van kwalitatief hoogwaardige, complexe zorg aan patiënten met kanker. Het Ministerie van VWS, de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ), de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) en de zorgverzekeraars ondersteunen deze normen.
Randvoorwaarden voor goede patiëntenzorg
De normen omschrijven zowel de materiële als personele eisen aan radiotherapeutische afdelingen. Zo is ondermeer beschreven hoeveel bestralingstoestellen aanwezig moeten zijn, maar ook de omvang van de verschillende beroepsgroepen die betrokken zijn bij de radiotherapeutische behandeling is vastgelegd. De nieuwe normen schrijven ook voor dat radiotherapeuten twee tot drie aandachtsgebieden hebben. Voorbeelden van deze aandachtsgebieden zijn: behandeling van borstkanker, longkanker en prostaatkanker. Hierdoor ontstaat er superspecialisatie, die de kwaliteit van zorg aan de patiënt nog hoogwaardiger maakt. Om goede kwaliteit van zorg te borgen schrijven de normen tenslotte voor dat een instelling ten minste 1200 nieuwe patiënten per jaar behandelt.
Regulering door beroepsgroep
Het invoeren van de nieuwe normen door de beroepsgroep, valt samen met het besluit van de Minister van VWS om de regulering van capaciteit en spreiding van radiotherapeutische centra niet langer door de overheid te laten plaatsvinden. Tot begin dit jaar verleende de overheid vergunningen aan radiotherapeutische centra, op basis van de Wet Bijzondere Medische Verrichtingen (WBMV). Met het vervallen van deze vergunningsverlening is het noodzakelijk duidelijk te omschrijven aan welke kwaliteitseisen bestaande en nieuw op te richten radiotherapeutische centra moeten voldoen. Ter voorbereiding van het opstellen van de normen is overleg gevoerd met het Ministerie van VWS, de IGZ en verzekeraar Achmea.
Best mogelijke zorg voor patiënt
Jaarlijks worden ongeveer 50.000 patiënten bestraald. Deze behandelingen vinden plaats in 20 centra verspreid over Nederland. "Van oudsher wordt radiotherapie in Nederland in een beperkt aantal centra toegepast. Door deze centralisatie van zorg, speelt Nederland internationaal een vooraanstaande en innoverende rol in de ontwikkeling van en behandeling volgens de nieuwste bestralingstechnologieën. Hierdoor kunnen wij de best mogelijk zorg aanbieden aan patiënten," aldus Prof. dr. Marcel Verheij, voorzitter van de NVRO. Daarnaast noemt Verheij het een positieve ontwikkeling dat het beroepsveld zelf de kaders stelt voor kwalitatief goede en verantwoorde zorg.
Zorgvuldig proces
De normen zijn door middel van een zorgvuldig proces tot stand gekomen. Ter voorbereiding op het opstellen van de normen is een inventarisatie uitgevoerd naar de kwaliteit van de bestaande afdelingen radiotherapie. Deze inventarisatie wees uit dat de kwaliteit van radiotherapeutische zorg in Nederland van hoog niveau is. Alle afdelingen voldoen aan de kwaliteit zoals die in de normen wordt omschreven. Een gering aantal afdelingen heeft op dit moment nog niet de benodigde stafomvang om het brede aanbod van alle aandachtsgebieden aan te kunnen bieden. Vanzelfsprekend is de patiëntenzorg bij deze afdelingen wel gewaarborgd. Deze afdelingen werken er aan om zo snel mogelijk aan de nieuwe norm te voldoen. De plannen hiervoor zullen binnen 3 maanden worden opgesteld. Het jaar 2012 wordt beschouwd als overgangsjaar, zodat per 1 januari 2013 alle afdelingen voldoen aan de kwaliteitsnormen.
Over de Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie (NVRO)
De Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie is de beroepsvereniging voor professionals werkzaam in de radiotherapie en heeft als doel het bewaken en bevorderen van de kwaliteit van de radiotherapie in Nederland. Dit doet zij ondermeer door het geven van opleidingen, bij- en nascholingen. Ook is de vereniging verantwoordelijk voor kwaliteitsvisitaties, het opstellen van normen, richtlijnen en protocollen, en het uitvragen van kwaliteits- en uitkomstindicatoren.